Auteursarchief: stevenduyver

Mond- en neusmasker

Het is zover.
Onze leerlingen van het 5de en 6de leerjaar moeten een mond- en neusmaker dragen.

Dat is voor ons allemaal erg belangrijk.

We danken hen alvast hiervoor.

 

Hoe kunnen we de leerlingen van het 5de en 6de steunen?
Weldra dragen ze een hele dag een mondmasker.

-eerst erover laten praten
-klassen die dit masker niet moeten dragen kunnen de 5de en 6de klassers helpen
-2 keer per week een attentie te bedenken (tekening voor iedere leerling apart, origami, knutselwerkje, mopje, grappige foto, een wedstrijd voor het origineelste masker knutselen (al dan niet draagbaar)
-extra “speeltijd” per klas (5 en 6) of leeskwartiertje met voldoende afstand op de speelplaats (zonder masker). Strikte afstand en zones.

We kunnen hen steunen.
Dat kan nooit kwaad.

Eens stond meester Steven ook verdwaasd voor de spiegel te oefenen en te kijken hoe ik “gemuilkorfd” werd.

Misschien hebben CLB, Ketnet, Karrewiet, pedagogische begeleiding, directiestructuren, kinderrechtencommissariaat, Kind en Gezin, Chiro, Scouts, CAW, …  hier ook al over nagedacht.
Misschien hebben ze tips.

We zijn al een jaar ver, dit zat eraan te komen.

Succes!

Hieronder alvast wat uitleg…

VRT: Anna leert peuters omgaan met mondmaskers

“Anna” leert peuters omgaan met mondmaskers: “Kleintjes zijn bang voor bedekte gezichten, dit helpt” | VRT NWS: nieuws
Om de kinderen vertrouwd te maken met mondmaskers, haalde Kathleen haar figuurtje Anna erbij. “Ik heb Anna ook een mondmasker gegeven want er zijn veel mensen die me zeggen dat kinderen iets niet durven totdat Anna het wel doet, dan zeggen ze dat als Anna het kan, de kindjes dat ook kunnen.”

HLN over mondmaskers en kinderen.
Illustratrice Kathleen: “Geef kinderen en hun knuffels een mondmasker zodat ze hun angst kunnen overwinnen”

Nieuwsblad

Hoe leer je je kinderen een mondmasker juist dragen?

Brugse hoofdarts: “Laat kinderen vanaf 6 jaar mondmasker dragen.”

INFO MONDMASKER

“Mond-neusmaskers : ik bescherm jou – jij beschermt mij | Coronavirus COVID-19
Het dragen van een mond-neusmasker beschermt jou en anderen tegen de verspreiding van het coronavirus. Met een mond-neusmasker bedek je je neus en mond. Als je niest, hoest of praat vliegen er druppels rond. Het mond-neusmasker houdt de druppels tegen. Zo is er minder risico dat je iemand ziek maakt. Het dragen van een mond-neusmasker doe je dus vooral om anderen te beschermen. Waar draag je een mond-neusmasker ? Je draagt een mond-neusmasker dragen in alle situaties waarbij je geen 1,5 meter afstand kan bewaren.”

Radio1
“Jong geleerd is oud gedaan, vond ik een argument om het wel te doen” reageert kinderpneumoloog Koen Vanden Driessche.

kinderrechtencommissariaat

Libelle

Focus TV

Kinderen in Frankrijk dragen reeds lang een maskertje (HLN)

 

Pas op voor dit boek

TALENT DEEL B
Thema 5  Pas op!

Les  2: Pas op voor dit boek    lezen
Onderwerp: een fragment uit een jeugdboek lezen

leesboek p. 69-73

boek “Pas op voor dit  boek”, Bart Mertens     (Talentbib 3)

Woordenschat: stiekem – mijlenver – de muil – de vloek – de zegen – de eigenaardigheid – gigantisch – tieren – gieren – de wervelstorm – wanhopig

Op deze site over “monsters”. Zeker kijken 😉

Bell

“145 jaar geleden zei Alexander Graham Bell tegen zijn assistent: “Mr. Watson, come here. I want to see you.” Hij sprak deze zinnen door een primitieve telefoon. Dat moment wordt gezien als het eerste telefoongesprek in de geschiedenis.”

Dat schrijft Radio2 op hun website.

De toekomst van telefonie: “Volgens specialisten zal je binnen dertig jaar met iemand kunnen bellen door er aan te denken”

 

 

Voor kinderen die Engels kennen  😉

 

 

Wikikids over Alexander Graham Bell.

Schooltv over telefonie.

Schooltv over Graham Bell.

Boekdrukkunst

Wikikids: boekdrukkunst

Schooltv: Hoe maak je een gebonden boek?

Geschiedenis van de boekdrukkunst

Johannes Gutenberg werkte in Straatsburg en Mainz aanvankelijk als goudsmid, maar ontwikkelde zich tot drukker.”
Een van de eerste drukwerken was de Gutenbergbijbel.
Eerst was er de zogeheten ‘blokdruk’, afkomstig uit China.
Dan kwam er de boekdrukkunst van Gutenberg in Europa rond 1445,

Britannica 

Johannes Gutenberg herontdekte rond 1450 in Europa deze techniek:
-gebruik maken van losse lettertekens
-losse letters in een insluitraam

Boekdrukmuseum Dordrecht

 

 

Zo wordt het boek “robotoorlog” gemaakt. (klik hier)

 

 

Vanuit de school naar het station

Eén van de uitstappen die we doen in het kader van “de omgeving van de school” , is de tocht naar het station van Leuven.

Langsheen de Oude Markt stappen we naar het startpunt.
We starten in het centrum ven Leuven, aan het stadhuis op de Grote Markt.
Op deze blog kan je nog meer over het stadhuis leren.
Daar krijgen we onze woordzoeker en enkele woordkaartjes.

Aan de overzijde zien we de Sint-Pieterskerk. Klik hier voor meer info op de klasblog.

Aan de ene kant, vlakbij Fonske, zien we de boekenwinkel “De Standaardboekhandel”.

Vroeger heette dit plein: Het Fochplein.
Maar nu heet het “Het Rector de Somerplein”.
Aan onze kant zien we de bushalte.

We stappen de Bondgenotenlaan verder door.
Langs de linkse kant zien we de prachtige theaterzaal van Leuven: de Stadsschouwburg.

 

Wie graag een boek of plaat en wat speelgoed koopt, kan terecht in de Fnac.

Even verderop tussen alle kledingwinkels en schoenwinkels door, vind je er de eetwinkel “Match” op de hoek, naast de lekkere pralines van “Leonidas”.

Wat verderop wacht ons op een pleintje een merkwaardige denker.
Het is Justus Lipsius. Een professor van vroeger (klik hier voor meer uitleg).

Zo ziet het pleintje eruit.

Op weg naar het station zien we ook nog het huis waar “Bednet” (pyjamadag) werkt.
Op die dag denken we aan kinderen die in het ziekenhuis liggen en les kunnen volgen vanuit hun huis.

Aan de overzijde van de Bondgenotenlaan zie je de filmzalen van Kinepolis.

Nu staan we vlakbij de prachtige gevel van het station van Leuven.
Duizenden mensen vertrekken er dagelijks of stappen er af.


Op dat Martelarenplein staat een gedenkmonument voor de vrede.
Het Vredesmonument.

Ook stoppen er veel bussen. Wie een bus naar het centrum moet nemen, kan daar opstappen.
Moet je naar Brussel, Mechelen of Diest? Aanschuiven maar!
Bekijk zeker ook de uurroosters op het scherm of in het zaaltje.


In de lokettenhal van het station kan je de gele affiches met tabellen zien waar de vertrekuren van de treinen op staan.

We wandelen door de tunnel naar enkele sporen.
Er zijn er met cijfers…en letters…
Je neemt dan best de roltrap.
De lift gebruik je alleen wanneer je niet meer goed te been bent.
Op de trein of op het spoor zien we de treinconducteur.
Hij of zij fluit wanneer de deuren dicht mogen.
Niet meer opstappen, a.u.b.!
De machinist of treinbestuurder kan dan de trein in gang zetten.

Zo ziet het dak van het station eruit.
Het ziet er van ver heel mooi uit.
Het moet ook veel gekost hebben.
Maar vaak is het erg vuil en regent het toch soms op het perron.
Jammer.

Wie warmer binnen wil zitten…kan naar de lokettenhal.
Hier kan je niet alleen zitten op de zitbanken…je kan er ook een ticket kopen.

Deze woorden kregen we onderweg mee: perron – sporen – klokken – uurwerk – ticket – loketten – banken – tunnel – doorgang – machinist – bestuurder – wachtzaal – Justus Lipsius – lanen – winkels – Fnac – Match – Kinepolis – filmzalen – bussen – bushalte – roltrappen – uurrooster

woordzoeker en opdrachten station

Op weg naar Arenberg

Bij de eindtermen voor het derde leerjaar staat ook de “omgeving van de school” op het programma.

Vandaar dat we reeds enkele uitstappen gedaan hebben dit schooljaar.
Beter buiten onderweg, dan binnen in een “gesloten” (regelmatig verluchte) ruimte.

 

 

Uiteindelijk komen we langs het Redingenhof en de voetgangerstunnel onder de “vest” aan in het Sportkot.

Hier trainen jongeren die voor LO-leerkracht studeren, mensen die na een ongeluk opnieuw moeten leren bewegen en sporten, …

We wandelen langs het gymnasium (turnzaal) met het zwembad. Langs de overkant zien we een cafeetje: de Spuye.

In de verte zie je een gebouw waar je kan fitnessen.


We wandelen onder de fitness.


Links zien we de tennisvelden.

Wat verder zien we de atletiekpiste met voetbalvelden.

 

 

We gaan even zitten om de woordzoeker op te lossen.

Wie vindt de weg?

 

 

Op deze aardenweg kan je kiezen of je langs het water wandelt (langs boven) of wat verder langs de graskant.
Echte veldcrossers: lopen of fietsen, hop hop hop!

We horen het kabelen van het water. Een eerste brugje met bank.

We zien al tussen de bomen door een kasteel…

We wandelen één van de twee bruggen over.

Hier hangen hangsloten.
Koppels willen zo aan elkaar beloven dat ze voor eeuwig bij elkaar zullen blijven…
Geen idee wie het sleuteltje heeft…  😉

We zien langsheen de wandeling ook een boom die al vroeg in bloei staat.
De hazelaar. De katjes geven al snel stuifmeel.
Sommige mensen die last hebben van hooikoorts moeten bij deze katjes vaak niezen.

Ze hebben ook soms een verstopte neus en dat kan hoofdpijn en vermoeidheid geven.

Het Arenbergkasteel staat er aan de voet van de Dijle.

Aan de dikke paal en het stenen bankje zie je een trapje naar beneden.
Daar kon je vroeger water halen: aan de bron. Het is/ was er drinkwater.
Misschien kwamen er te veel mensen water halen en was er te veel volk…
Nu kan/ mag je er geen water meer “tappen”.

Als we het pad verder volgen langs het kasteel, komen we aan…

…een molen. Een watermolen, een banmolen.

 

Tegenover de banmolen zijn er een 3-tal grote vijvers.
Vaak kwaken er wel eens zwanen.
De grote ganzen “gakken” er wel, als je te dicht komt.
Uitkijken dus.
Ook op deze plaats is het verboden om de vogels te voederen.

Hier houden we even halt om de woordzoeker verder op te lossen en een koekje te eten en sapje te drinken.

Voor de sporters onder ons: hier kan je kajakken.
De opstapplaats is enkele kilometers verder op de Dijle.
Maar aan de overkant van de straat (over de brug) kan je soms ook mensen zien instappen of uitstappen.
De paaltjes die aan een ijzeren kabel hangen, tonen hoe je slalom moet varen.
En hier is er in het water een heuse stroomversnelling.

We keren terug langs de poort van het kasteel. De poort staat open. We hebben geluk. We wandelen erdoor.


We komen voorbij kleine koten van de studenten.
Even verderop zien we het restaurant voor de studenten.
De Alma. Het is een van de restaurants waar je goedkoop kan eten.
Je kan er alleen gaan eten als student (of medewerker van de universiteit).
Je moet dus een pasje hebben.

Langs de overzijde van het grasveld zien we de ingang van het gebouw van het sportkot.
Hier kan je je omkleden en betalen om een dagje te sporten.

Tegenover dit gebouw kan je een tennismuur zien en een klein atletiekveld.
Je kan er korte afstand lopen oefenen.
Ook: volley, kogelstoten, hamerslingeren en verspringen.

En dan zij we weer op weg naar de tunnel, het Redingenhof, de Dijle volgen…
We komen voorbij de gelukseend.


Langs de Redingenstraat, voorbij de theaterzaal van “De Reynaertghesellen“. Naar de Schapenstraat naar het Damiaanplein, …
We zien de Damiaankerk of  Sint-Antoniuskapel (klik hier maar eens).
Hier ligt Pater Damiaan begraven. Op de klasblog over “Damiaan”. 

Deze woorden kregen we onderweg mee: parken – poorten – sporthal – zwembad – tennis – sportkot – Dijle – atletiek – bruggen – sloten – water – drinkwater – bronnen – gymnasium – kajak – paaltjes – eten – Alma – restaurant

woordzoeker Arenberg

Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience

We spraken al over ‘Hendrik Conscience’ op deze blog.

Het ‘Cruijdeboeck’ van Dodoens

“Dankzij het Dotatiefonds voor Boek en Letteren kon de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience een bijzonder boek aankopen: het Cruijdeboek van Rembert Dodoens.
Rembert Dodoens (1517-1585) moet niet meer voorgesteld worden: het ‘Cruijdeboeck’ van deze Mechelse botanicus is een monument van de Vlaamse boekdrukkunst. Honderden houtsneden illustreren het boek met afbeeldingen van de plant, zijn bladeren, wortels, bloemen en vruchten. Van elke plant gaf Dodoens de naam in verschillende talen, tot Grieks en Arabisch toe, en vermeldde hij de geneeskrachtige werking.
In een tijd waarin pijnstillers niet bestonden en dokters en apothekers enkel voor de ‘happy few’ toegankelijk waren, was het ‘Cruijdeboeck’ voor menig Vlaming een redder in nood. Het boek kende een enorm succes in binnen- en buitenland. Dank zij het Dotatiefonds voor Boek en Letteren kan de editie van 1563 nu ook geraadpleegd worden in de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience (cat.nr. 837235).”

 

Een bibliotheek met die naam: Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience

Het bib-mysterie