Categorie archief: Geen categorie

Nederlands H2

Allerlei oefeningen voor TAAL.

Zoek twee dezelfde letters – omkeringen

Zoek twee dezelfde letters op tijd

auditieve synthese

Interessant overzicht met oefeningen 

-ng  of  -nk 

klanken en letters koppelen

Ook reeds op deze klasblog:
H1
Nederlands 1
Nederlandse Taal 

SCHOOLTV Lezen

SCHOOLTV Spelling

Wat moeilijker
Nederlandse Spelling “Tijd voor Taal”
Spelling oefeningen

Nederlands H1

Herhaling eerste leerjaar.

Helaas werden alle links verwijderd…
http://www.digitaak.be/hotpot/Lezen/index_Lezen.htm

Nederlands lezen AVI 1 01 – 09

Maak een goed woord 01 – 10

Maak een goede zin 01 – 06

Voorvoegsel Maak een goed woord 01 – 03

Verkleinwoorden: -je, -pje, -tje 01 – 02

Maak een goed verhaal 01 – 03

Nederlands lezen AVI 1 – 9

Nederlands lezen AVI 1 – 9 (allerlei lezen)

Kindertelefoon AWEL

Soms zit je met wat ‘problemen’…
Soms weet je niet wat er gebeurt…

Dan kan je wel eens met de “AWEL” bellen, chatten of mailen.
Niet om zomaar eens wat te roddelen, babbelen, grapje te maken…

Wel als je met iets zit waar je niet met iemand over kan praten.

Wegdek smelt

We spraken al over de hitte.
Op sommige plaatsen smolt het wegdek weg.
Het asfalt op de autostrade E314 kwam zelfs omhoog. (dank aan ROB)
Ook op de Diestesteenweg in Kaggevinne kwam het wegdek omhoog.
Wegen ondervinden hinder van de hitte.
Wegdek Noorderlaan komt omhoog. (helaas weg op VTM)
Ook vliegtuigen in de Verenigde Staten ondervinden hinder. (dank aan de redactie)

Ook in Nederland smelt het wegdek.

W-vragen en Hoe-vraag

Ik wil iets weten.
Dan stel ik een vraag.

Ik wil een verhaal vertellen.
Ik stel me vragen.
Zo kan ik mijn verhaal stap-per-stap maken.

Ik open de powerpoint.
W-vragen en Hoe vragen

Even oefenen (klik op de uil en dan op het eerste balkje: wie wat waar …)  

Wanneer je enkele vragen moet maken bij een tekst, kan je best de W-vragen en H-vragen stellen.
Wie gaat naar huis?
Waarom eet ik een appel?
Wat staat er op het menu?
Wie heeft het gedaan?
Waar staat de koelkast?
Waarop staat het bloempje?
Wanneer gaat de bel?

Hoe oud is hij?
Hoeveel kippen zitten er  in het hok?
Hoe lang is die brug?
Hoe ver kan hij springen?
Hoe laat is het?
Hoe ver is die wandeling?

Zo merk je dat een taal uit verschillende delen bestaat.

 

 

Nederlandse taal

Enkele oefeningen voor anderstaligen. Klik steeds op de uil.

Taal 1: rijmwoorden, leestekens, woordzoeker MMKMM-MKMM, zinsvorming begrijpend lezen, klinkers zoeken

Taal 2 : wie/ waar/ wat/ wanneer, zinnen in de juiste volgorde, verhaal met 10 vragen, (mede)klinkers, raadsels rijmwoorden, zender- ontvanger-boodschap, wat past niet, woordenweb, zinnen en prenten volgorde verhaal

Taal 3: tegengestelden, verdelen in twee lettergrepen, gesloten lettergreep, meer lettergrepen, zinnen maken, woorden in een verhaal, twee lettergrepen, meervoud woorden d of t, begrijpend lezen

Taal 4:  drie lettergrepen, verkleinwoorden, zinnen en prenten schikken, zinnen lezen tien opdrachten, gesloten lettergreep, zender – boodschap – ontvanger, verhaal aanvullen, begrijpend lezen (meerkeuze)

Taal 5:  begrijpend lezen: elkaar begroeten, zinsdelen, zender – boodschap -ontvanger , verhaal met tien vragen, opdrachten uitvoeren, hij of zij, woordweb gevoelens, tempolezen

Taal 6: woordweb groenten en fruit, woordzoeker groenten en fruit, eigenschappen fruit, doe-woorden, zinnen aanvullen, voeding en gezondheid, woorden rubriceren, verhaal lezen en vragen beantwoorden, tempolezen

Taal 7:  aai ooi ieu eeu oei, waarheid of fantasie, hoe- en doe-woorden, (on)gelukkig, verhaal met juist of fout, hoe-woorden, diergeluiden, tempolezen

 

Taal 8:  verdubbelen, plant – ding – persoon – dier, alfabetisch rangschikken, doewoord, twee lettergrepen, mooie zinnen maken, tekeningen aanvullen bij leestekst, wie – waar- wanneer – wat – doewoord, verbodsbord, tempolezen

Taal 9:   zender – ontvanger – boodschap, hoofdletters, hoofdletters – schrijfletters, woordspin (postbode, kok) , woordenschat komen eten – ontbijt, recepten kippensoep appeltaart, verkleinwoorden, verhaal met vragen, tempolezen

Taal 10:   zinnen maken met hoofdletter, woordsoorten, verhaal met vragen, homoniem, waarheid of fantasie, tempolezen

Veilig verkeer met Aya

Met dit ruimtewezentje raken kinderen wegwijs in het verkeer.
Lees meer op AYA.

Een affichecampagne en wedstrijd.
Mobiel 21, VTM Kids en de Vlaamse overheid wil kinderen (en hun ouders) veilig en milieuvriendelijk naar school laten gaan.
Op zondag 22 september is het Autovrije Zondag in heel wat steden en gemeenten in Vlaanderen.

Van 16 tot 22 september is het in heel Vlaanderen de week van de mobiliteit. Uiteraard doet ook Aya hier aan mee, want veiligheid in het verkeer begint bij de allerkleinsten! Ook dit jaar gaan 3.263 kleuterklassen en 72.357 kleuters met Aya aan de slag om te leren over veilig verkeer.

Heel wat verkeersfilmpjes op Youtube AYA.
Nog meer info op ‘verkeersfilmpjes’.